89 wereldvrouwen

In de periode 2013 tot en met 2019 hebben 89 wereldvrouwen tijdelijk onderdak gevonden in het Wereldvrouwenhuis. Wie zijn de bewoonsters, waar kwamen zij vandaan en waar gaan ze naartoe? 

Oud en jong

De leeftijd van de vrouwen varieert. De jongste vrouw die in het Wereldvrouwenhuis onderdak vond was 17 jaar, de oudste 73. De laatste paar jaar komen er vooral veel jonge vrouwen naar het Wereldvrouwenhuis.

Uit 27 landen

De wereldvrouwen komen uit maar liefst 27 landen. Toplanden zijn Eritrea, Iran en Somalië.

Waar gaan de vrouwen naartoe?

Het Wereldvrouwenhuis vangt vrouwen slechts tijdelijk op. Na zes maanden gaan ze verder. Dat kan een bestaan in de illegaliteit betekenen. Sommige vrouwen kunnen terecht bij familie, bekenden of landgenoten. Anderen krijgen onderdak bij particulieren of bij een andere opvangorganisatie. Sommige vrouwen leiden een zwervend bestaan.   Ongeveer een kwart van de vrouwen vertrekt naar Ter Apel voor een herziene asielaanvraag of naar een azc in verband met een bevalling.  
Van sommige vrouwen weten we niet hoe het hen is vergaan nadat ze uit het huis waren vertrokken. 

Uitstroom 2013 t/m maart 2020

Uitstroom 2013 t/m maart 2020

Kans op een status?

Van de vrouwen die het Wereldvrouwenhuis hebben verlaten, heeft iets meer dan een kwart op enig moment een verblijfsstatus gekregen!
Zestien vrouwen hebben weer een plaats gekregen in de officiële overheidsopvang in een asielzoekerscentrum of een gezinslocatie. Meestal omdat ze een nieuwe asielaanvraag hebben kunnen indienen. Een deel van hen maakt goede kans op een legale status. De laatste tijd hebben we in het huis bijvoorbeeld veel vrouwen die via Italië of Griekenland zijn gekomen, zoals Feven. Volgens de Europese regels mogen zij geen asiel aanvragen in Nederland, maar worden ze teruggestuurd naar Italië of Griekenland. Dat willen ze niet. Na 18 maanden kan wel in Nederland asiel worden aangevraagd. Dus die vrouwen moeten 18 maanden overbruggen.
Van de vrouwen die opnieuw een aanvraag hebben gedaan, is de schatting dat tussen de 30-45% uiteindelijk alsnog een status krijgt.